terug naar het overzicht verder naar de volgende aflevering

Solo van BelgiŽ naar AustraliŽ op een BMW R1100 GS motorfiets.

Eerste verslag - 19 t/m 24 mei 1998...

Vandaag is het 24 mei 1998 - een uur of vijf, en ik zit aan de niet zo fantatisch smakende thee (Lipton Yellow label) aan het Garda meer in Noord-ItaliŽ. De wereldomroep staat aan, de Formule 1 in Monaco is in het nadeel van Michael Schumacher beslist. Ik heb een katerig gevoel, maar dat komt niet door een feestje gisteravond.....

19 Mei 1998: Vertrek vanuit BelgiŽ. Veel snelwegen, natuurlijk. Tot aan Dijon, want daar zijn Klaas en ik van de snelweg af via de leuke N5 naar GenŤve gereden. Klaas doet mij uitgeleide, de eerste week van mijn wereldreis. Klaas houdt niet van kamperen en dus gaan we deze week alleen hotels bezoeken.

Van GenŤve naar de Alpen is het plan, om zo een goede uitgangpositie te hebben voor de route van de Grote Alpen naar de Cote d'Azur. Na enig zoeken (en ook omdat ik de aanwijzigen van een behulpzame medewerker van de SAPRR verkeerd interpreteerde) aangekomen in Petit Bornand. Daarvoor nog even een onvrijwillig ommetje gemaakt, om slechts te constateren dat hoger op de berg alleen maar mťťr verlaten wintersport plaatsjes liggen...

20 mei 1998: Van de Alpen naar de Grote Alpen: Het lag in onze bedoeling Nice, Cannes of zo te bereiken via zoveel mogelijk zo hoog mogelijke bergen. Op zich een aardig plan, behalve als er halverwege mei in de bergen nog geen voorjaar van betekenis is geweest. En dus: de Col de l'Iseran was dicht, en goed ook. Om helemaal zeker te zijn, hebben we hoogstpersoonlijk vastgesteld dat de pas nog vol ijzige sneeuw zit. Na zo'n vaststelling moet men omkeren, iets wat ik niet goed kan (ik rijd liever door). Dat kwam me op een kapot knipperlichtje te staan...

En dat was pas het begin... Later bleek dat ik bovenop een pas mijn op maat gemaakte, peperdure gehoorbeschermers had uitgedaan, maar niet had opgeborgen. Aan het einde van onze pauze op deze Col de la Cormet de Roselend zijn we weggereden, en heb ik de oordoppen achtergelaten of verloren. We zijn nog wel teruggereden (2 uur lang) maar de gehoorbeschermers bleken onvindbaar. De weergoden hebben ons ook nog 'geholpen' met een flinke bui.

Uiteindelijk neergestreken in Albertville, in een groot, maar bijna geheel verlaten hotel (er waren 4 bezette kamers op een capaciteit van enige honderden). Daar hebben we nog maar een pizza gegeten en zijn we gaan slapen.

Van het plan om naar Nice te rijden is niet veel terecht gekomen - we hebben wel 442 kilometer in bijna 13 uur gereden, maar slechts zo'n 50 kilometer (hemelsbreed) opgeschoten. Wel heel veel plezier gehad in het bekijken van hoge bergen met heel veel sneeuw.

21 mei 1998 (hemelsvaartdag): Deze ochtend de zaak maar wat voortvarender aangepakt, en eerst eens gaan bellen om uit te vinden welke passen nu wel en niet open waren. Eigenlijk viel alleen de Col du Galibier uit onze reisplannen. Via een kleine omweg werd de Middellandse zee bereikbaar - Klaas en ik op weg.

Uiteindelijk aangekomen in Barcelonette om kwart voor zes. Ik had nog helemaal geen zin om te stoppen, maar gelukkig was Klaas er om me af te remmen. Het zoeken van een hotel met een redelijk bed duurde even, maar om half acht zaten we weer aan tafel (alwťťr een pizzeria, maar geen pizza gegeten).

22 mei 1998: Naar de Middellandse Zee via de Gorges de Verdon, ook wel de Grand Canyon van Frankrijk genoemd. Mooie rit, wel vrij warm. Af en toe gestopt om sokken te wisselen en steeds meer uit te trekken. We zijn begonnen met een pas van 2300 meter (Col de la Cayolle) en daarop haalden we met moeite nog 10 graden. Na de lunch in Castellane was het inmiddels 25 graden. Er was ook gigantisch veel verkeer, allemaal van die verdraaide toeristen... (want wij vinden onszelf natuurlijk geen toerist.)

Via een snelle rit aangekomen in St Raphael - een typische Cote d'Azur badplaats. Hotels overal, maar allen uitverkocht!! Tja. Zo dicht bij het filmvestival van Cannes, en de Grand Prix (Formule 1) van Monaco was dat eigenlijk niet verwonderlijk. Klaas vond uiteindelijk een plek in een apartementen complex dat achter een hotel stond. We hadden zelfs voor het eerst deze week een goed bed! Zelfs de maaltijd was anders dan normaal: Vietnamees. Erg lekker.

23 mei 1998: De kustweg naar Monaco duurde erg lang, want we kregen nu dus te zien waarom alles zo vol was. Als we het hadden gered, dan waren we zeker even gaan kijken naar de kwalificatie voor de Formule 1, maar na veel gedoe zijn we pas om twee uur in Monaco aangekomen. We besloten door te rijden naar ItaliŽ, en daar te lunchen.

Nabij San Remo een restaurant gevonden, en werkelijk heerlijk gegeten (spaghetti aglio/olio/pepperoni, gevolgd door... een pizza!). Na deze 'lunch' (vier uur 's middags) weer verkwikt op weg, met als doel het meer van Como (ook om een beetje uit te hijgen in een Grand Hyatt of zo). Onderweg moeten stoppen om regenkleding aan te trekken, maar overigens lekker opgeschoten. Tijdens de regenbui afgesproken niet door te rijden, maar dat luxe hotel met bad, goed bed en roomservice in Alessandria op te zoeken.

Maar na regen komt zonneschijn, en al gebarend bij 150 kilometer per uur afgesproken dat we toch door zouden rijden. Nabij Voghera was de tank van Klaas' motor leeg aan het raken en kwam het bord dat een Agip benzine station (Formule 1 sponsor, dus goed :-)) aankondigde als geroepen.

Europa is nog lang niet geÔntegreerd - in Duitsland zijn de autosnelwegen voorzien van op- en afritten die je met hoge snelheid kunt rijden. Frankrijk plaatst snelheidsborden (100, 60, 40) als de aanleg van een bocht niet zo goed lukte, maar ItaliŽ doet (nog) niks.

Klaas kwam aanrijden, en zag de onmogelijk scherpe bocht naar het station laat. Hij remde uit alle macht, blokkeerde een wiel, liet zelfs de remdruk even afnemen, maar moest uiteindelijk besluiten het van bossages voorziene talud op te rijden. Dat had goed kunnen aflopen, als de rommel van de vorige ongevallen was opgeruimd. Er lagen een paar van een vrachtwagen afgevallen, hardgeworden cement zakken bij wijze van betonblok. Later bleek dat menig automobilist er een (deel van een) bumper heeft verloren (en achtergelaten).

Klaas' motor krijgt een tik en Klaas, die helemaal niet zo hard meer reed, valt eraf. Hij komt neer en staat alweer voordat ik m'n motor op de bok heb getrokken. Hij heeft een rare bobbel tussen z'n hals en schouder, maar hij zegt dat het niet zeer doet. Gezamelijk halen we de motor uit de bosjes en bekijken we de schade. Het carter lekt olie - direkt doorrijden lijkt uitgesloten. Na 2200 kilometer een flinke tegenslag.

Klaas vraagt na een half uurtje toch maar om een arts, we regelen een ambulance. Tevens regelen we het vervoer van de motor naar een afsleepbedrijf. Klaas wordt vervoerd naar het ziekenhuis in Voghera, waar een dubbele sleutelbeen fractuur wordt geconstateerd - een operatie is noodzakelijk. Klaas wil liever in Nederland geopereerd worden, zodat ie daar ook kan herstellen. We slapen in het ziekenhuis (een primeur voor mij), de terugreis wordt kundig geregeld door de SOS centrale.

24 mei 1998: De kater. Eigenlijk gaat alles zů snel, dat ik beduusd om 12:00 achterblijf, zonder motormaatje. En dat terwijl we eigenlijk op een door onszelf gekozen tijdstip afscheid hadden willen nemen en bij voorkeur bovenop een hele hoge berg....

Ik knoop mijn spullen op de motor en begin maar richting Milaan te rijden. Maar de inspiratie is er niet en ik ben slecht geconcentreerd. Als ik dan een stop-bord middenin het verbindingsstuk tussen twee snelwegen mis en bijna een autootje plat rijd, dan is de maat vol.

Ik heb m'n tentje opgezet en ga nu eerst maar eens heel lang slapen. Misschien ziet het er dan weer wat beter uit. Ik heb wel nog even Klaas gebeld - hij was om zes uur bij zijn gezin thuis. De operatie zal wel 25 mei plaatsvinden.


  terug naar het overzicht verder naar de volgende aflevering